#8 Aanpassen van de Aanbestedingswet: hoeveel ruimte is er?

  • Hoeveel ruimte is er om de aanbestedingswet aan te passen?
  • Hoe beoordeel ik of er sprake is van minimum of maximum harmonisatie?
  • Wat zijn de implicaties van de Irgita zaak?
  • Mogen we nog wel samenwerken tussen overheden zonder te moeten aanbesteden?

Wat als een Europese lidstaat besluit om de aanbestedingsrichtlijnen anders te implementeren in nationale wetgeving dan er letterlijk in deze richtlijnen staat? Hoeveel ruimte heeft de Nederlandse wetgever bijvoorbeeld om op eigen wetgeving te introduceren in het licht van deze richtlijnen in de Aanbestedingswet 2012? Dat zijn de overkoepelende vragen die vandaag centraal staan in deze podcast aflevering. In Nederland wordt er vaak gediscussieerd of die ruimte er wel is, en als die er blijkt te zijn, hoe groot die ruimte dan precies is.

We zoomen specifiek in op de mogelijkheden om de voorwaarden van artikel 12 Richtlijn 2014/24/EU aan te passen. Deze bepaling is geïmplementeerd in de artikelen 2.24a, 2.24b en 2.24c Aanbestedingswet 2012. Het biedt ruimte aan samenwerkingsverbanden tussen overheden om de overeenkomsten die zij onderling sluiten uit te zonderen van een aanbestedingsplicht. Tijdens de totstandkoming van deze bepaling is er veel discussie geweest in het Europese Parlement. Uiteindelijk is er voor een stevige verruiming van de ruimte voor samenwerking gekozen. Interessant is daarom dat er nu een ontwikkeling gaande waarin lidstaten, zoals Finland, Polen, Litouwen en Italië, ervoor hebben gekozen om die ruimte juist weer te beperken in hun nationale aanbestedingswetten. Dat zorgt voor de vraag of dit wel mag dit binnen het Europees recht. Het is in ieder geval een vraag die het HvJEU zal moeten beantwoorden in de aanhangige Irgita en Rieco zaken.  

In een recente publicatie ‘Swimming against the Tide: The Harmonisation of Self-organisation trough Article 12 Directive 2014/24/EU’ heb ik onderzoek gedaan naar dit vraagstuk. Het is inmiddels gepubliceerd in European Procurement & Public-Private Partnership Law Review. Ik bediscussieer dit artikel met mijn collega dr. Ton van den Brink, Jean Monnet professor of EU Legislative Studies (klik hier voor zijn onderzoek). Bij de totstandkoming van het onderzoek sprak ik hem al over het thema dat raakt aan de kern van zijn eigen onderzoek. Dat leidde toen tot leuke discussies. Alle reden dus om het nogmaals dunnetjes over te doen.

Update: inmiddels is ook de – wat lijvige! – blog over de Irgita zaak verschenen met aandacht voor o.a. de implicaties t.a.v. de vrijverkeer regels en de mededinging.

Luister hier de aflevering:

Social media updates

  

Aanmelden voor Podcast Alerts